Zoeken in deze blog

zondag 24 maart 2024

Wegdansen zonder te bezinnen

 





Wegdansen zonder te bezinnen


is het dat wat ik zou willen? Juist nu de Lente begint na een lange winterslaap? Eens kwam ik de strofe “Wegdansen zonder te bezinnen” tegen in een gedicht over voorjaar van Vasalis. Die samenvatting is blijven hangen, omdat er zoveel meer achter schuilt en in deze eenvoudige woorden verborgen zit. Voor mij althans. Zeker nu het voorjaar is begonnen denk ik aan vrijheid, nieuw leven door de natuur die ontwaakt uit een winterslaap. Ieder Lenteseizoen voelt het voor mij als een nieuw begin. Diverse mogelijkheden staan weer open. Zomaar te gaan naar onbekende plekken. Het buiten wordt zoveel groter. Meer de mogelijkheden hebben om andere mensen te ontmoeten: Wegdansen zonder te bezinnen. Ik ben zo vrij geweest om aan deze zin een andere invulling aan te geven, dan aan de betekenis in het gedicht van Vasalis. Omdat het Lente is… onderstaand het gedicht van Vasalis:

Het licht vlaagt over ’t land in stoten
wekkend het kort en straf geflonker
der blauwe wind- gefronsde sloten;
het gras gloeit op, dooft uit, is donker.
Twee lammeren naast een stijf grauw schaap
staan wit, bedrukt van jeugd in ’t gras…
Ik had vergeten hoe het was
en dat de lente niet stil bloeien,
zacht dromen is, maar hevig groeien,
schoon en hartstochtelijk beginnen,
opspringen uit een diepe slaap,
wegdansen zonder te bezinnen.

M. Vasalis.

 

Ik hou van dansen, zodra ik muziek hoor nodigt muziek met haar ritme mij uit om te bewegen op de klanken. Afgelopen vrijdagavond heb ik gedanst. Ik was uitgenodigd door enkele van mijn cursisten op een Iftar maaltijd georganiseerd door Turkse vluchtelingen in de Hoeksche Waard. Iftar is een maaltijd die wordt gegeten tijdens de Ramadan na zonsondergang. De melancholieke tonen uit de fluit, de Ney, sloten mooi aan bij de woorden die gesproken werden tijdens de opening. Woorden waarin optimisme over de toekomst van de ouders en de kinderen. Woorden over de pijn van het verlaten land. Het thuisland waarnaar de meesten niet meer kunnen terugkeren. Woorden over zorg in het politieke klimaat in Nederland. Woorden van waardering en aandacht ontvangen in het Nieuwe land. Woorden over de nieuwe vrienden die zo belangrijk zijn om hier in Nederland een nieuw bestaan op te bouwen. Woorden over dat we moeten omzien naar de mensen die minder bedeeld zijn in de samenleving. Ik was onder de indruk van deze inleiding en ben heel blij dat ik deze Iftar maaltijd heb mogen meemaken. Een andere cultuur heb ontdekt dankzij de mensen die ik heb ontmoet tijdens de taallessen van het Taalhuis in de Bibliotheek. En dankbaar dat ik veel nieuwe vrienden heb gemaakt. Na de maaltijd werd de muziek ritmischer en dansten we in een kring, pink aan pink, een tradionele Turkse dans.   

Wegdansen zonder te bezinnen. Soms heb ik de neiging hieraan gevolg te geven. Verdwalen in mijn dromen over wat ik nog graag zou willen, maar realistisch zoals ik ben, bijna onmogelijk zijn geworden gezien mijn leeftijd. Die dromen werkelijkheid laten worden. Gewoon wegdansen zonder te bezinnen.

Het is nog niet zo eenvoudig om zonder te bezinnen weg te dansen. Maar soms… heel soms wanneer het prachtig weer is, pak ik de auto, of de fiets en rijd zonder doel totdat ik ergens iets tegenkom wat ik aantrekkelijk vind en ontdek dan weer iets nieuws. En wie weet ontmoet ik dan nog nieuwe mensen. Dat gevoel geeft de Lente mij. Bovenal genieten van de natuur en van het leven.

Fijn voorjaar voor iedereen.

 


 

 

 

 

woensdag 13 maart 2024

In de diepste herinnering

 

In de diepste herinnering

 


Je vertelde mij, dat de Lente in aantocht is,

maar de storm raast en regen klettert tegen mijn raam.

Ik zit hier klein en warm.

De narcissen krommen de stelen

en buigen hun gele kroontjes naar de grond.

Ze kussen de aarde en trotseren de kracht met velen.

Ik zit hier stil.

Een zeemeeuw landt op mijn vensterbank,

met opgezette veren kijkt hij speurend rond.

Uitnodigend kijkt hij mij aan.

Ik wil niet.

Een weerspiegeling in mijn raam.

Een gezicht uit mijn droom van lang geleden.

De storm raast door de haren als opgezette veren.

Een hand wenkt…

Ik wil niet.

Dan vliegt hij weg. Zo ver, dat ik hem niet meer bereiken kan.

Waarom huil ik dan?

 


zondag 10 maart 2024

'Ik plant een plant"

 


“Ik plant een plant”.  Door deze opmerking van een cursist werd het idee in mijn brein geplant om met deze opmerking aan de slag te gaan. Ik houd daarbij nog wel een slag om de arm, of ik in deze missie, het schrijven van deze blog, wel zal slagen. Aan de kans van slagen twijfel ik niet, daar er genoeg voorbeelden en vervoegingen van dezelfde woorden, maar met andere betekenissen voorhanden zijn. Beiden handen rusten nu op mijn toetsenbord. Beelden schieten nu door mijn hoofd. Beelden van vroeger, herinneringen die ik nog goed in gedachten kan verbeelden. Door een beeldje uit Denemarken van de ‘Kleine Zeemeermin” wat mijn vriend meebracht van zijn reis, kan ik in mijn gedachten de beelden van mijn jeugdliefde toentertijd nog steeds oproepen. De ‘Kleine Zeemeermin” is het boegbeeld van de stad Kopenhagen. Zittend op een rots, kijkt ze uit over de haven. Ze is het gezicht van de stad en wereldberoemd. Boegbeelden werden door de Vikingen op de voorplecht van een schip geplaatst om het tegen monsters te beschermen.

Ik bezit een eigenschap die op zijn zachtst gezegd niet zo slim is. Namelijk op tijd komen. Altijd moet ik voordat ik vertrek en de deur achter mij dicht trek, nog even allerlei dingen doen. De bus zal niet op mij wachten en vertrekt op het vastgestelde uur. Ik zal meer de tijd moeten nemen, om op tijd te kunnen komen. Zeker wanneer ik naar de tandarts moet voor het trekken van een kies. Hoewel ik daar liever helemaal niet graag kom, het is wel een aardige man, maar de vorige keer merkte ik op, dat hij trekt met zijn been.

Op mijn werk hing een bordje met de tekst: “Wie niet werkt, maakt geen fouten”. Een hele opluchting, want ik hoefde mij niet direct te verontschuldigingen voor als ik eens iets niet goed had gedaan. Ieder jaar moet ik wel werk maken van het invullen van het belastingformulier. Veel werk is het niet, omdat veel gegevens al vooraf verwerkt zijn. Wel controleren natuurlijk, maar dat is het werk niet. Het is wel een opgave om de mogelijkheid uit te vinden om zo min mogelijk te hoeven te betalen. Maar ik geef het nog niet zo snel op.

Ben je verliefd dan sta je in vuur en vlam. Dan moet je je hart laten spreken en erg je best doen om te kunnen gaan vlammen.

Een hart is het middelpunt van het lichaam. Een cardioloog sprak de wijze woorden: “Hier klopt iets niet”. Ik was op weg naar het hart van de stad. Een groot plein in het centrum. Maar iets klopte er niet. Mijn navigatiesysteem was de weg kwijt. Ik klopte aan bij een woning om advies te vragen. De mevrouw die open deed klopte mij op de schouder met de geruststelling, dat het niet zo ver meer was en dat ik goed op weg was.

‘Ik plant een plant”. Misschien komen er wel bloemen, of een bloem aan de plant. Die kan ik dan mooi op een vaas op tafel zetten. Ik heb ook nog bloem in de kast staan. Ik bak een taart en samen op de bank kunnen we dan genieten van de bloemen en de taart en misschien wel van de belastingcenten op de Bank.

“Ik zit op een bank in de Bank”


 

  

 

woensdag 6 maart 2024

Is het leven een sprookje?

 

Is het leven een sprookje?




Er was eens… Sprookjes spelen zich af in een onbepaalde tijd en op een onbepaalde plaats. Fantasie en magie spelen een hoofdrol. Sprookjesfiguren spelen tot de verbeelding en laten je dromen over een andere wereld. Vaak lopen sprookjes goed af. De goeden winnen het van de kwaden. Soms hebben ze een moraliserende boodschap. Ik hou van het lezen van sprookjes. Vaak heb ik ze aan mijn kinderen verteld. Soms maakte ik er zelf een verhaal van wanneer ik ze iets duidelijk wilde maken over een voorval dat gepasseerd was. Ik vertellend en uitbeeldend, ondertussen zittend op het deksel van het toilet, terwijl mijn kinderen in het bad zaten.

Wij waren al bijtijds opgestaan. De trein vertrok in de vroege ochtend om 07.17 uur vanaf het station in Deventer. Het was de eerste dag van onze vakantie begin Augustus 1965. Station Utrecht was ons eerste doel, kort Utrecht verkennen en dan door naar het strand van Scheveningen en zeker een wandeling maken op de Pier. In de komende dagen bezochten we Valkenburg, Hoek van Holland, Castricum, Amsterdam, Delfzijl, Arnhem en nog meerdere plaatsen doorheen het land. ’s Avonds laat weer thuis om te slapen en de volgende ochtend weer vroeg op. Twee tieners van zeventien jaren oud en verliefd tot over de oren, planden acht dagen om samen Nederland te ontdekken. Zonder ouders samen op pad. Een ongekende vrijheid ervaren en beleven. Vandaag de foto’s nog eens bekeken. Foto’s van ons beiden uit een lang verleden. Wat waren wij, was ik gelukkig. Het is geen verhaal zoals uit een sprookje, het was werkelijkheid.

Ik hou van jou.

We spreken soms wel eens van een sprookjeshuwelijk wanneer we de beelden op TV bekijken van een Huwelijk van een vorstenpaar. Allen herinneren we nog wel ‘de traan” van Koningin Maxima tijdens het Huwelijk van Willem Alexander en Maxima. De tango Adios Nonino, gespeeld door Carel Kraayenhof op de bandoneon, waarbij Maxima zichtbaar ontroerd raakte, zagen wij als kijkers massaal tijdens deze Huwelijksceremonie. Ook ik en vele kijkers raakten daarbij ontroerd. Het leven is geen sprookje. En ook vorstenhuizen kennen hun moeilijkheden. Wanneer ik ’s morgens na het douchen in een wazige spiegel kijk, zie ik even niet de rimpels ontstaan door de tand des tijds, denk ik even niet aan de teleurstellingen van het leven. Het sprookje van het lelijke eendje komt, nu ik dit schrijf, tevoorschijn. Het lelijke eendje dat in het water kijkt en zichzelf ziet als een wonderschone zwaan. De mist op de spiegel trekt weg en ik zie mijn werkelijke gezicht. Ik ben blij met mijzelf, maar besef terdege dat niet alles goud is wat er blinkt. Het leven kan soms best weerbarstig zijn.

Mijn vriend en ik kenden elkaar al vanaf de Lagere School. Vanaf mijn zevende jaar trokken wij samen op. Door verhuizing op elf jarige leeftijd elkaar een tijdje uit het oog verloren, maar op veertienjarige leeftijd werd ik, werden wij verliefd. Opnieuw hadden wij elkaar gevonden. En…ik, ik voelde mij in een sprookjeswereld. Prachtige jaren volgden in bijzondere vriendschappelijke verbondenheid, tegelijkertijd met wederzijdse vrienden en vriendinnen. Op mijn achttiende verjaardag hebben wij ons verloofd. Helaas mijn ouders begonnen steeds meer op mij in te werken, bang dat ze waren omdat in hun opinie, ik de verkeerde keus maakte. Ik kon de druk niet meer aan die mijn ouders mij oplegden om de vriendschap te beĆ«indigen en heb onze relatie op twintig jarige leeftijd beeindigd. Einde van een sprookje van twee jonge mensen, die elkaar al zo lang kenden. Einde van een vriendschap. Maar voor mij geen einde van de liefde.


 Pure Liefde

Ik moet jullie iets vertellen,

het is al heel lang gelee.

Er woonde in de straat een vriendje

daar speelde ik mee.

Elke ochtend stond hij aan het hekje bij mijn huis,

samen lopend naar school en ook weer terug naar huis.

Dan ineens naar school alleen.

Snapte niet waarom hij ineens verdween.

Jaren later zag ik hem weer.

Niets was veranderd sinds de vorige keer.

Zo verliefd, zo jong, zo pril,

op het gras in het zwembad, opgewonden maar o zo stil.

Liggend zij aan zij,

ik dacht hij en hij dacht mij.

Zo mooi, zo puur, zo rein,

een intimiteit die later nooit meer zo zou zijn.

Uit: “Wolken die gedachten toveren”